Japan zet cryptobeurs Garantex op sanctielijst
Betalingen worden voortaan vergunningplichtig
Dossier: Sancties en omzeiling
Japan heeft cryptobeurs Garantex op 2 oktober als een van 33 organisaties aangewezen voor bevriezingsmaatregelen en andere sancties. Daardoor hebben partijen onder Japanse rechtsmacht voortaan een vergunning nodig voor betalingen aan Garantex en voor bepaalde kapitaaltransacties met de beurs, waaronder deposito-overeenkomsten, trustovereenkomsten en geldleningen.
De officiële lijst noemt de onderneming voluit Garantex Europe OU, met Garantex als alias en locaties in Sint-Petersburg en Moskou. Naast de 33 organisaties zette Japan negen personen in dezelfde categorie. De maatregelen zijn gebaseerd op de Japanse Foreign Exchange and Foreign Trade Act.
Dat regelt alleen de vergunningplicht. Japan meldt daarbij geen aangetroffen of afgepakte tegoeden, concreet bedrag, cryptovaluta of walletadres.
Japan houdt motivering kort
Nieuwssite Cointelegraph plaatste de aanwijzing in de context van hulp bij sanctie-omzeiling, terwijl de officiële Japanse bijlage zich beperkt tot naam, alias en locaties. De concrete aantijgingen tegen de beurs staan uitsluitend in eerdere Amerikaanse stukken.
De Verenigde Staten wezen Garantex voor het eerst aan op 5 april 2022 en opnieuw op 14 augustus 2025. Volgens het Amerikaanse ministerie van Financiën verwerkte de beurs sinds 2019 meer dan $100 miljoen aan transacties die samenhingen met illegale activiteiten, waaronder gijzelsoftware en illegale online markten. Dat zijn bestuurlijke bevindingen en sanctiegronden van de Amerikaanse overheid.
Amerikaanse, Duitse en Finse autoriteiten grepen op 6 maart 2025 in. De Verenigde Staten namen drie domeinnamen in beslag, terwijl Duitsland en Finland servers in beslag namen. Volgens het Amerikaanse ministerie van Justitie werd daarbij meer dan $26 miljoen bevroren aan fondsen die voor witwassen via Garantex zouden zijn gebruikt.
Datzelfde ministerie stelde dat Garantex sinds april 2019 voor ten minste $96 miljard aan cryptotransacties had verwerkt. Deze cijfers meten iets anders. De $96 miljard omvat alle transacties; de ruim $100 miljoen alleen transacties die volgens de Amerikaanse overheid aan bekende illegale partijen waren gekoppeld.
Opvolger zet infrastructuur voort
De Verenigde Staten klaagden technisch beheerder Aleksej Besciokov en medeoprichter en commercieel directeur Aleksandr Mira Serda aan voor samenzwering tot witwassen. Besciokov werd daarnaast aangeklaagd voor samenzwering tot sanctieschending en het zonder vergunning exploiteren van een geldtransactiedienst. Het gaat om beschuldigingen; beiden gelden als onschuldig totdat een rechter hun schuld heeft vastgesteld.
Na de ingreep zouden medewerkers van Garantex volgens het Amerikaanse ministerie van Financiën opvolger Grinex hebben opgezet. Klanttegoeden werden volgens dat ministerie overgebracht, waarna voormalige klanten via A7A5, een aan de roebel gekoppelde token, weer toegang kregen tot hun saldo. Grinex zou sindsdien miljarden dollars aan cryptotransacties hebben verwerkt. Blockchainanalysebedrijf TRM Labs beschrijft de snelle komst van Grinex en de integratie van A7A5 eveneens als voortzetting van de infrastructuur.
De Japanse aanwijzing geldt alleen voor cryptobeurs Garantex Europe OU. Opvolger Grinex, houders van A7A5 en gewone Garantex-gebruikers vallen erbuiten. De aangewezen naam staat vast. Over eventuele resterende tegoeden zegt de lijst niets.
